Giftige damp

»Het gedoe met Kitsey had Boris’ bezoek tijdelijk uit mijn gedachten verdrongen, maar toen ik eenmaal sliep, kwam alles via een omweg in mijn dromen terug. Twee keer schoot ik rechtovereind, eerst door een nachtmerrie waarin een deur naar de opslagloods openzwaaide en ondertussen buiten gehoofddoekte vrouwen om een berg kleren vochten, en daarna, terwijl ik weer in slaap sukkelde, doordat in dezelfde droomsetting de opslagloods voorkwam als een ruimte die van boven open was en waarvan de muren bestonden uit opbollende stof die net niet tot het gras reikte. Daarachter keek je uit over groene velden met meisjes in lange witte jurken, een beeld dat (wonderlijkerwijs) zo van dood en gruwelijke rituelen was doortrokken dat ik happend naar adem wakker werd.
Ik keek op mijn mobieltje: vier uur in de ochtend. Een halfuur van ellende later kwam ik overeind, stak met ontbloot bovenlijf een sigaret op (ik voelde me een schurk in een Franse film) en ging zitten kijken naar Lexington Avenue, op dat uur bijna zonder verkeer: alleen taxi’s die begonnen te rijden of er, wie weet, net mee ophielden. Maar de droom, voor mijn gevoel een voorspellende – die ongrijpbare dreiging, het besef dat ik kwetsbaar was – wilde niet verdwijnen, bleef als een giftige damp hangen, en mijn hart hield niet op met bonzen.«

uit:

tartt-droom

Dromer

IMG_6334 (Small)
Buste van de kunstenaar Heinrich Vogeler, in Worspwede (D), met het opschrift “Der Träumer ging verloren – Seine Träume bleiben”