Waarom daar?

Sommige bankjes hebben een verdrietige zijde. Dat volstrekt onduidelijk is waarom juist dáár een bankje moest komen. Wie heeft bedacht dat je daar moet gaan zitten, zou er voor straf ook zelf af en toe tien minuten dienen plaats nemen. Liefst bij een druilerige motregen.
Terwijl er nog zoveel plekken zijn die geheel ten onrecht géén bankje hebben.
Je gaat ter banke omdat je van het uitzicht wilt genieten. Dat kalmeert het gemoed, dat verheft de geest.

Maar waarom zou je eigenlijk hier plaats nemen?

Of hier?

Mijmeren

Sommige lokaties van bankjes spreken voor zich.

Aanslag

“Wie de vrijheid opgeeft om de veiligheid te vinden zal tenslotte beide verliezen” ~ Benjamin Franklin.

Goed motto bij een boek van Ilja Tojanow en Juli Zeh “Aanslag op de vrijheid” (De Geus, 2010).

 

Nano

Duizenden ogen

De (nano)cameraatjes en sensoren worden na een paar jaar gecombineerd en blijven natuurlijk steeds kleiner worden. Samen genereren die nanocameraatjes dan zoveel beeldmateriaal, dat het onmogelijk is dat door een beveiliger achter een beeldbuis te laten controleren. Dan moet je patroonherkenning gaan gebruiken, om nog iets zinnigs uit de beelden te halen.

Patroonherkenning wordt op het moment door TNO onderzocht. Door de camera’s uit te rusten met software die bijvoorbeeld geluidsniveau’s of bepaald gedrag kan herkennen, wordt geprobeerd relschoppers bij voetbalwedstrijden vlug in het vizier te krijgen. Dát beeld wordt dan direct aan een beveiliger getoond, die zo nodig kan ingrijpen. De rest van het beeldmateriaal wordt als ‘minder risicovol’ bestempeld en niet getoond.

In supermarkt ’t Hoekje wordt erg veel gestolen, vooral door middelbare scholieren van de nabije middelbare school. Bedrijfsleider Felix besluit ‘smart dust’ door zijn supermarkt te verspreiden om de grootste dieven in de kraag te grijpen. Hij mag zelf invullen welke gedragdpatronen als ‘gevaarlijk’ worden geregistreerd.
Abdul en Karim lopen het Hoekje binnen tijdens hun schoolpauze. Ze besluiten chips te kopen, maar worden het niet eens over welke smaak. Luid in het Arabisch ruziemakend geeft Abdul Karim een duw en grijpt een zak paprikachips.
Felix krijgt direct een waarschuwing van het systeem. Hij neemt de jongens mee naar achteren. Ze protesteren hevig, maar Felix gelooft er niks van: het systeem zei dat ze spullen gepikt hadden, dus ze liegen vast. Hij laat een cassière alvast de politie bellen.

In dit voorbeeld heeft het systeem uit kenmerken van het gedrag van de jongens (ze zijn niet zo oud, ze spreken Arabisch en ze pakten erg snel iets uit het schap) geconstateerd dat ze een gevaar zijn. Felix vaart hier blind op, terwijl ze eigenlijk niets gedaan hadden.

Om met nanocamera’s de omgeving in de gaten te houden, ontkom je niet aan het gebruik van gedragsherkenning. En op sommige plekken is het helaas waar dat de meeste diefstallen door een bepaalde bevolkingsgroep worden gepleegd, dus zou zo’n kenmerk het systeem een stuk trefzekerder kunnen maken. Maar is het geen discriminatie om zo’n kenmerk mee te nemen in de afweging?

uit: Nanometing, een onderzoek naar de maatschappelijke gevolgen van nano-technologie – als u de enquetes wilt invullen, moet u zich registreren.